Het monumentendebat: samenvatting


Snel naar de krachtlijnen voor het onroerend erfgoedbeleid voor de komende vijf jaar van:

Snel naar de visie van de partijen op:


Een traject voor en na de verkiezingen

Het draagvlak voor erfgoed versterken. Erfgoedactoren samenbrengen. De sector verstevigen en zijn slagkracht vergroten. Kennis bundelen. Al deze elementen uit de missie van Herita maakt de organisatie in 2019 onder meer concreet in een traject in aanloop naar de Vlaamse en federale verkiezingen op 26 mei: welke vragen en verzuchtingen leven er in de sector ten aanzien van het Vlaamse beleid? Wat verwacht men? Wat stellen de politieke partijen voor, wat zijn hun prioriteiten en welke plaats neemt onroerend erfgoed in hun programma in? Wat doen ze met de verzuchtingen uit de sector? En wat vindt de sector dan weer van hun voorstellen?

Het traject zal uitmonden in een constructieve boodschap aan de nieuwe Vlaamse minister bevoegd voor onroerend erfgoed


Het debat op het Open Monumentencongres

Herita vroeg de erfgoedsector om op voorhand vragen en bedenkingen in te sturen. Enkele thema’s die uit de bevraging naar voren kwamen: het belang en de rol van vrijwilligers bij de instandhouding van erfgoed, een geïntegreerde benadering van herbestemming, participatie bij de opmaak van kerkenbeleidsplannen, het belang van gedeelde verantwoordelijkheid en samen beslissingen nemen, de integrale (roerend-onroerend-immaterieel) aanpak van funerair erfgoed … Een aantal daarvan werd tijdens het debat aangekaart. Zie hieronder.

Het monumentendebat op 14 maart was een tweede luik van het traject. Van elke politieke partij die zich de voorbije beleidsperiode structureel inzette voor erfgoed in het Vlaams parlement nam een afgevaardigde deel aan het debat.


Na het debat

Na het debat gaat Herita met de input van de sector, politici en met de partijprogramma’s aan de slag. 
Het einddoel van het traject: een gedragen boodschap aan de nieuwe minister bevoegd voor onroerend erfgoed.  


 

Deel 1 van het debat: de visie van de partijen op het komende beleid inzake onroerend erfgoed?
 

In een viertal minuten stelden de vertegenwoordigers  van de vijf aanwezige partijen elk apart hun krachtlijnen voor inzake het beleid voor onroerend erfgoed (OE) de komende vijf jaar .

Twee aspecten die bij de vijf partijen terugkwamen:

  • De integratie van onroerend, roerend en immaterieel erfgoed, met één bevoegde minister.
  • Iedere partij pleit voor een integrale benadering. N-VA voegt daar als enige aan toe: op termijn. De betrokken departementen hebben na hun recente reorganisatie volgens sommigen nood aan beleidsrust .

 

An Christiaens – CD&V

2019-2024

Draagvlak en maatschappelijke waardering creëren voor onroerend erfgoed: vandaar het belang van vrijwilligers, naast professionals. Zij verdienen als onze erfgoedambassadeurs een bijzonder statuut (zoals in andere landen) en een echt vrijwilligersmanagement, met de overheid in een regierol: vorming, begeleiding, samenwerking;

Archeologie: publieksfactor en sensibilisering van publiek door beleid is van groot belang;

Administratie moet helpen bij het vergroten van het draagvlak: klantvriendelijkheid, continuïteit voor eigenaars en gebruikers, rechtszekerheid en geloofwaardigheid; 

Overheden en onderdelen van overheden moeten samenwerken. Geloof in subsidiariteit. Lokale overheden hebben een goed zicht op hun erfgoed. Ze moeten er ook durven voor opkomen ;


Zonder bewaring geen ontsluiting, herbestemming of gebruik en geen integratie van erfgoed in bestaand weefsel;

Ook een betere ontsluiting is nodig voor het draagvlak. Ook digitaal: websites, apps, sociale media…; 

Onderwijs: meer integratie cultuur/onderwijs. Kinderen laten proeven van erfgoed;

Herbestemming met respect is de beste garantie voor de toekomst. De beste herbestemming is de herbestemming die niet nodig is: voortzetting van de originele functie als beste garantie voor behoud.


Jean-Jacques De Gucht – Open VLD

Korte terugblik: cf. de opmerkingen van Open VLD bij het nieuwe OE-decreet, die bij de recente wijziging zijn meegenomen (archeologieregelgeving met dure archeologienota’s, premiestelsel zonder incentives voor goed onderhoud). 

2019-2024

Nood aan decretale rust, maar intussen regelgeving goed blijven monitoren;

Nood aan Vlaamse Onroerend Erfgoed -beleidsvisie op lange termijn, met aandacht voor het totaalplaatje, ook de sociaal-economische terugverdieneffecten (bv. indirecte en directe jobcreatie) en de meerwaarde van onroerend erfgoed voor de leefomgeving;

Eén beschermingsstatuut en de opmaak van één geïntegreerde inventaris;

Beschermingsbeleid: selectief, transparant, flexibel en rechtszeker. Met beheersplannen voor beschermd erfgoed;

Werken aan een breed draagvlak tussen Vlaamse en lokale overheden enerzijds  en daarnaast met álle betrokkenen: eigenaars, vrijwilligers, experts, ambtenaren enz.

Solidariteitsfonds: 1 euro van de overheid = 1 euro van de sector;

Overkoepelend aandachtspunt: werk maken van een bottom-upapproach: onroerend erfgoed is geen zaak van de overheid alleen;

Herbestemming kerken: graag meer aandacht voor faciliteren van herbestemming , met inspraak van alle betrokkenen. Aantal herbestemmingen en openstellingen is nu bedroevend laag, het potentieel van deze ruimtes enorm ;

Hoe omgaan met klimaat en energienormen? Erfgoed is geen statisch gegeven. Aanpassingen moeten mogelijk zijn: dubbel glas, zonnepanelen… Zolang de essentie niet wordt aangetast. Graag flexibiliteit: laat dingen evolueren. Anders krijg je averechtse effecten;


Manuela Van Werde – N-VA

Korte terugblik: onder minister Bourgeois verdubbelde het budget in tien jaar naar 96 miljoen euro. / Eenheidsdecreet op basis van gelijkheidsprincipe is gerealiseerd. /  Fiscale stimulansen en premiepercentages aangepast ( met enorm aanzuigeffect en daardoor een aangroei van de wachtlijst. Er is 250 miljoen euro nodig ( wachttijd nu acht jaar, met alle gevolgen van dien.

2019-2024

Streven naar zekerheid en duidelijkheid voor premieontvangers. Kan alleen als de wachtlijst wordt weggewerkt, de eerste prioriteit voor de komende vijf jaar. Het jaarlijks budget moet van 96 naar minimum 100 miljoen. Daarvan moet jaarlijks 50 miljoen naar de wachtlijst zodat deze na 5 jaar weggewerkt is.

Verdere besteding van de overige jaarlijkse 50 miljoen: 10 miljoen voor standaardpremies, 10 miljoen voor meerjarensubsidies, 20 miljoen voor thema-oproepen en subsidies voor één type monument (bv. kastelen, industrieel erfgoed, molens…) en een marge van 10 miljoen voor bijsturing waar nodig;

Tweede punt: evolueren naar een beleid van algemene landschapszorg: domeinen Natuur, Landbouw, RO  met erfgoed en Platteland afstemmen op elkaar;
de regelgeving is ingrijpend veranderd en de sector is toe aan beleidsrust.


Kris Verduyckt – sp.a

Korte terugblik: het decreet heeft goede intenties, maar is de sector erop vooruitgegaan? Premies zijn teruggeschroefd, beheersplannen werden verplicht en dan weer niet, klimaatbeheersing?, BTW niet gesubsidieerd… En vooral: de complexiteit is toegenomen. Dat kan niet de bedoeling zijn. De Vlaamse overheid is geen rechtszekere, trouwe partner gebleken voor lokale mensen en eigenaars;

2019-2024

Decretale rust: ja, maar ook werken aan een minder complexe wetgeving voor lokale besturen. De sector wil vereenvoudiging. Niet nog meer achterkamers  in de fiscale wetgeving, wel eigenaars bijstaan (bv. 0% successie- en erfenisrechten in Wallonië moet hier ook kunnen);

De link cultuur en onderwijs moet worden versterkt, met lokaal erfgoed als belangrijke actor. Cultuur meer meenemen in de onderwijsplannen;

Het budget moet omhoog, ook om de wachtlijsten weg te werken;

Graag een betrouwbare overheid, op Vlaams en lokaal niveau. Vlaams = beleidskaders. Lokaal = o.m. IOED’s, met bekwame mensen, ook op technisch vlak  (verbouwing, bescherming….).


Johan Danen – Groen


Korte terugblik: Groen betreurt de verslapping van het beleid (bv. minder strenge normen) en het ontbreken van een maatschappelijk debat en een integraal beleid.

2019-2024

Beschermingen maximaal afstemmen op de inventarissen, zonder externe druk;

Liever gehelen inventariseren dan objectmatig te beschermen;

Erfgoed kan mee een inspiratiebron zijn voor de betere ruimtelijke ordening/planning die Vlaanderen met zijn schaarse ruimte nodig heeft;

Lokale initiatieven aanmoedigen en vrijwilligers stimuleren. Het draagvlak voor OE  moet op die manier sterker en diverser worden;

Oprichting van een archeologisch solidariteitsfonds, met een verplichte bijdrage van initiatiefnemers en de Vlaamse overheid: 1 euro voor 1 euro;

Respectvol behoud door ontwikkeling is essentieel;

Er is nood aan een ‘plancontract ’  tussen het Gewest en OE-gemeenten en aan een verankerde juridische basis voor de uitvoering van plannen;

De wachtlijsten moeten worden aangepakt: meer en beter investeren;

De wetenschappelijk gefundeerde archeologie-inventaris moet gebiedsdekkend zijn;

Extra middelen voor integrale landschapszorg, waar we een achterstand hebben;

Modellen inzake bescherming evolueren. Je moet eerst streven naar een consensus hierover, met alle betrokkenen, en vervolgens daarnaar handelen, met goede communicatie.


Deel 2 van het debat: wat vinden de vijf partijen over grote thema’s die de sector aandroeg?

Herita deed in januari een oproep naar de erfgoedsector om vragen en verzuchtingen te bezorgen voor de politici. Die werden gebundeld in enkele grote thema’s: beschermingsbeleid, siteontwikkeling, betrokkenheid lokale gemeenschappen, financiering en vrijwilligersmanagement . De thema’s werden elk een tiental minuten besproken door de vijf deelnemers. (Vrijwilligersmanagement viel door tijdgebrek tussen de plooien van het debat.)


BESCHERMINGSBELEID

Hoe vast of flexibel kan/moet de beschermingsstatus van een beschermd monument zijn? Wat moet de houding zijn van een minister bevoegd voor erfgoed en monumentenzorg tegenover een privéondernemer die plannen maakt voor de ontwikkeling van een monument? Een voorbeeld is het verhaal van de Kolenwasserijen in Beringen: beschermde status opheffen of niet?

Manuela Van Werde: ‘We moeten flexibel zijn. Wij zijn ook maar een laag in de geschiedenis. Dingen moeten dus kunnen evolueren. Kijk naar de Antwerpse Handelsbeurs, dat een vijfsterrenhotel wordt. Miljoenen in gebouwen stoppen zonder te weten wat je ermee aan moet, kan niet. Dingen moeten haalbaar zijn en mogen niet ten koste gaan van andere monumenten. Zie de Kolenwasserijen op de site van Beringen, waar al zoveel is gebeurd.’

Jean-Jacques De Gucht: ‘Je moet kijken naar de intrinsieke waarden en de waardevolle stukken die je wil behouden en tegelijk nadenken over hoe je met zo’n gebouw op een hedendaagse manier omgaat en het een nieuwe invulling geeft. Doel is dat gebouwen er over x aantal jaar nog staan. Dan is een te rigide bescherming, die bijvoorbeeld bewoning bemoeilijkt, niet aangewezen en werkt het averechts.

Ga aan tafel zitten met ondernemers. Je zult als sector ook ander dan overheidsgeld moeten binnenhalen. 

Kolenwasserijen: is een jammere zaak, zo’n bescherming opheffen. Maar je moet dus wel durven afstappen van een rigide omgang met beschermingen.’
 

Johan Danen: ‘Een open houding moet, maar de erfgoedwaarden moeten centraal blijven staan. En reversibiliteit is belangrijk als je dingen toevoegt.

Kolenwasserijen: erg jammer dat men niet meer gezocht heeft naar samenwerking overheid/privé. Het is overigens nog niet te laat.’

Kris Verduyckt: ‘Als wetgever moet je rechtszekerheid bieden, zeker voor iconische sites zoals de Kolenwasserijen. Flexibiliteit bij ontwikkeling ja, maar niet met wetgeving en beschermingen: dat is iets anders.’

Ann Christiaens: ‘Er zijn al veel goede voorbeelden van herbestemming, ook met privéontwikkelaars. Rechtszekerheid is daarbij essentieel.

Kolenwasserijen: is een foute beslissing.’


SITE-ONTWIKKELING

Wat met de paradox dat erfgoedsites steeds meer eigen inkomsten moeten genereren, maar ook hun maatschappelijke rol als cultuuroverdrager moeten vervullen? Moeten sites die niet genoeg bezoekers of alternatieve financiering vinden dan gesloten worden? Aan privéspelers worden toevertrouwd? Of is het de plicht van overheden op alle niveaus om te blijven subsidiëren als alle andere opties uitgeput zijn?

Jean-Jacques De Gucht: ‘Er moeten inkomsten zijn, dat is de realiteit: het overheidsbudget is niet oneindig. Erfgoed bewaren veronderstelt dan ook samenwerking met privépartners, maar het is niet zwartwit: de vraag is hoe je maximaal eigen inkomsten genereert en welke invulling daarvoor nodig is. Niet alles moet een museale functie hebben. Kijk naar de invulling van kerken: dat hoeven niet allemaal spirituele ontmoetingsruimtes te worden. Waarom geen congreszalen, ruimtes voor verenigingen enz.?’

Ann Christiaens: ‘Het gaat hier om een grote uitdaging. Je moet gevallen ad hoc bekijken en een evenwicht zoeken tussen financiële rendabiliteit, die niet de prioriteit mag zijn, en maatschappelijke relevantie. De overheid zal altijd een rol blijven spelen. Keuzes zijn nodig door die overheid, die vervolgens investeert en haar keuzes nakomt. Onroerend erfgoed bewaren en het aanbieden aan een ruim publiek, (bv. onderwijs, gezinnen met kinderen), daar gaat het om.’

Johan Danen: ‘De overheid moet bijspringen/subsidiëren bij onze waardevolle gebouwen, dat is evident. En eigen inkomsten genereren mag geen criterium zijn om al dan niet te beschermen.’

Kris Verduyckt: ‘Het efficiëntiedenken is gevaarlijk in cultuur. Er zullen altijd subsidies nodig zijn, maar flexibiliteit en een meedenkende overheid zijn belangrijk als er privé-investeerders zijn.

Manuela Van Werde: ‘Kijk naar Engeland en de grote inbreng van privékapitaal/fundraising daar.'

'De overheid heeft een taak als beschermengel.’


LOKALE GEMEENSCHAPPEN BETREKKEN

Wat met het betrekken van de lokale erfgoedgemeenschap bij herbestemmingsdossiers? Moet zij op een structurele wijze een stem zijn in herbestemmingsdossiers? Kunnen we het mentale eigenaarschap van lokale erfgoedgemeenschappen honoreren?

Kris Verduyckt: ‘Nu is het te veel topdown (bv. inventaris). Een gedragen project veronderstelt de betrokkenheid van de lokale gemeenschap, die misschien andere keuzes zal maken op grond van omgevingskennis. IOED's zijn een goede keuze in dit verband: deze professionals moeten het draagvlak vergroten en verhalen opsporen.’

Manuela Van Werde: ‘Je moet per project bekijken welke rol de lokale gemeenschap speelt. De stem van lokale mensen kan krachtig zijn. Denk aan het Antwerpse Fierensgebouw.’

Jean-Jacques De Gucht: ‘Binnen de gecoro’s  wordt er gekeken naar erfgoedwaarden en hoe je ze op een juiste manier in het algemeen stedelijk beleid kan integreren.’ (Houdt in dit verband een pleidooi voor meer aandacht voor en inventarisering van naoorlogse gebouwen.)

Ann Christiaens: ‘Elk erfgoeddossier is een lokaal dossier en dus moet je de bevolking erbij betrekken. Zo creëer je draagvlak. Je moet buurlanden niet kopiëren, maar Nederland kan ons veel leren i.v.m. participatie en betrokkenheid. Dat is echt iets voor het lokaal bestuur. Pilootprojecten zijn erg nuttig. Zo biedt de herbestemming van kerken kansen.’

Johan Danen: ‘Lokaal  sterke verhalen maken en sensibiliseren voor onroerend erfgoed, het werkt. Je kunt bv. lokaal een open monumenten-wedstrijd organiseren tussen wijken. Dat helpt om het draagvlak te vergroten.’
 

FINANCIERING

Wat met het financieel stimuleren van eigenaars van erfgoedpanden die in de inventaris staan? Tot op heden is er alleen een stimulans (vermindering personenbelasting) voor eigenaars van beschermde monumenten. Wat met het uitrollen van een tax-shelterregeling voor investeringen in duurzame herbestemmingen van erfgoed? 

Manuela Van Werde: ‘Waarom niet? Dat moet onderzocht worden, maar fiscaliteit is federale materie.'

'Ik zie vooral veel mogelijkheden in fundraising.’

Jean-Jacques De Gucht: ‘Je kunt zoiets wel vanuit Vlaanderen pushen en input geven, zoals is gebeurd met audiovisuele kunsten, en podium en theater. Maar beloven kun je het niet. Dergelijke fiscale systemen zijn zeker het onderzoeken waard en bieden mogelijkheden.’

Kris Verduyckt: ‘De opbrengst van zo’n systeem is onzeker en alle sectoren vragen het, wat de spoeling dunner maakt. Weer een nieuwe fiscale mogelijkheid maakt het ook complexer. We moeten het gewoon over budgetten hebben.’

Ann Christiaens: ‘Dat moet onderzocht worden. Andere stimulansen zijn: renteloze leningen, gunstige fiscale regimes voor schenkingen voor restauraties, BTW van 21 naar 6%.’

Johan Danen: ‘Wij zijn voorstander van gerichte premies, dat is helder. De  tax shelter als instrument wordt trouwens minder interessant door de verlaging van de vennootschapsbelasting.’


EEN EXTRA THEMA: ONROEREND ERFGOED , ENERGIE, KLIMAAT

Wat met onroerend erfgoed en recente ontwikkelingen inzake energie-efficiëntie en klimaat?

Jean-Jacques De Gucht: ‘Het is ongerijmd dat je in beschermd erfgoed nagenoeg niets mag op dit vlak, terwijl de maatschappelijke ontwikkeling in de tegenovergestelde richting gaat. Waarom geen isolatietechnieken, dubbel glas, (onzichtbare) zonnepanelen…? Uiteraard moet je daarbij rekening houden met essentiële erfgoedwaarden.’

Johan Danen: ‘Laten we er open naar kijken, geval per geval. Nu is het vaak te rigide, maar we mogen ook niet overdrijven in de andere richting. Er is overigens veel mogelijk, denk aan systemen van vloerverwarming.’

Manuela Van Werde: ‘Dit probleem moet je inderdaad ad hoc bekijken.’

Ann Christiaens: ‘Mensen moeten weten wat kan en daar positief in begeleid worden lokaal (door consulenten en beleid). Laten we pragmatisch en eigentijds zijn.’


De zaal spreekt

Hilde Daem, Robbrecht en Daem architecten: ‘We vergeten dat het bij architectuur gaat om vijf gevels: het dak hoort er ook bij. Dat volleggen met afschuwelijke zonnepanelen die na tien jaar verouderd zijn, puur om industriële redenen, is letterlijk neerkijken op ons erfgoed.’

Xavier Baecke, IOED IGEMO  : ‘Heel veel kosten zijn de jongste jaren doorgeschoven naar het lokale niveau: inventariseren, beheersplannen (onderzoekspremie is weg), de lagere premies. Waar moet het geld vandaan komen?’

Paul Lambrechts, vzw De Heerlijkheid Heers (kasteel van Heers): ‘Voorstel voor een derde weg: de overheden zitten vol met knappe koppen. Dat is ook geld. Zet die kennis in om de sector te coachen, om samen betekenis te geven enz. Nu gaat het eerder om handhaving, bestraffing en een afhankelijkheidsrelatie. Laten we gaan van niet mogen naar kunnen.’


Download de samenvatting van het monumentendebat