Alfabet van de erfgoedsector: Open Erfgoed

Ben je betrokken bij een beschermd onroerend erfgoed: een monument, een cultuurhistorisch landschap, een archeologische site? Dan kun je sinds het nieuwe decreet van 2014 het exclusieve kwaliteitslabel ‘Open Erfgoed’ ambiëren. Die erkenning is bedoeld voor exemplarische en bijzondere openstellingen. Er hangt ook een verhoogde premie aan vast. Om het label te krijgen moet je aan de bijbehorende criteria uit het Onroerenderfgoedbesluit voldoen.


Gegidste rondleidingen, infoborden, audio- en videogidsen, interactieve en digitale tools, ensceneringen, werkende machines… De manieren om je bezoekers inzicht te geven in je erfgoed en zijn betekenis, zijn natuurlijk talrijk. De erfgoedwaarden van je site vormen daarbij de basis van alles: die breng je over en duid je, op een manier waardoor het publiek een kwaliteitsvolle ervaring beleeft. Dat is wat de Vlaamse regering verwacht als je het label ‘open erfgoed’ wil halen.


Om je een idee te geven van de vragen die je moet kunnen beantwoorden: hoe verneemt de bezoeker dat je erfgoed toegankelijk is? Hoe zit het met de bereikbaarheid en het onthaal? En met de klantgerichtheid van je vriendelijke personeelsleden, vrijwilligers en betaalde medewerkers? Hoe draag je informatie over en hoe betrek je je bezoekers bij je verhaal? En last but not least: hoe staat het met de accommodatie (sanitair, shop, cafetaria…)?


Vorig jaar publiceerde het Agentschap Onroerend Erfgoed een inspiratienota. Daar vind je netjes alle criteria, de opvolging en ook wat de Vlaamse regering met het concept (en de gunst) ‘open erfgoed’ bedoelt en wil bereiken. De nota bevat per criterium inspirerende voorbeelden. Ook enkele partners uit het Netwerk Open Monumenten: Kasteel d'Ursel, Fort Liefkenshoek, JenevermuseumHeetveldemolen, Openluchtmuseum Bokrijk en abdijsite Herkenrode, komen in deze inspiratienota aan bod. 


Meer informatie over Open Erfgoed vind je hier